IPON - Mediawijsheid: de winst van verhalen

Mediawijsheid: de winst van verhalen

Een leerling van tien vraagt aan de juf of hij even mag googelen. Dat mag. Hij googelt. Hij krijgt een antwoord voorgeschoteld van AI. Hij leest het, het klinkt plausibel en beantwoordt zijn vraag. Hij verwerkt het in zijn opstel. Klaar. Mediawijs? Ik vraag het me af.

Tekst: Barend Last  Beeld: Ilse Leijtens

Mediawijsheid is al jaren een populaire term en toch lijken we er vaak iets verschillends mee te bedoelen. Soms gaat het over veilig internetten. Soms over nepnieuws herkennen. Soms over privacy, schermtijd, digitale voetafdrukken. En nu natuurlijk ‘verantwoord omgaan met AI’.  Allemaal zinvolle dingen lijkt me. Tegelijk hebben ze iets opvallends met elkaar gemeen: ze gaan vooral over wat kinderen moeten weten, niet over wat ze moeten kunnen voelen en afwegen.

DIKW: van rauw naar rijp

Er is een model dat informatiekundigen gebruiken om kennislagen te beschrijven: DIKW. Dat staat voor data, informatie, kennis, wijsheid. Van rauw naar rijp, zou je kunnen zeggen. Data zijn losse, willekeurige feiten. Informatie is daarentegen data verrijkt met context. Kennis is vervolgens begrijpen hoe iets werkt.

Maar wijsheid is van een geheel andere orde. Het is weten wanneer je iets doet. En wanneer ook vooral niet. Wijsheid is kennis die je hebt leren lezen: wanneer ze van toepassing is, wanneer ze tekortschiet en wanneer je beter even niets doet. Het is het verschil tussen een kind dat weet dat algoritmes bestaan en een kind dat merkt dat dat uurtje TikTokken hem onrustiger maakt in plaats van rustiger en dat dat iets betekent.

Verwondering over de wereld

Kun je dat laatste vangen in een les mediawijsheid? Ik denk van niet. Onderwijskundigen noemen deze vorm van kennis tacit knowledge: kennis die je niet overdraagt via instructie, maar die groeit door ervaring, door stilstaan, door verwondering over de wereld om je heen en je eigen gedrag.

‘Dat vraagt om leraren die het digitale leven van kinderen verbinden aan de vragen die er echt toe doen’

Hoogleraar Nadira Saab noemde dit in haar oratie digital agency: een vorm van handelingsvermogen die rust op wijsheid. Het betekent dat leerlingen leren kiezen: wanneer ze technologie inzetten, wanneer ze haar terzijde leggen en waarom. Dat vraagt om ervaring, met oog voor de mooie én minder mooie kanten van technologie. Zo leer je zelf richting geven aan technologie, in plaats van erdoor gestuurd te worden.

Ruimte voor twijfel

Dat vraagt iets anders van onderwijs dan een lessenreeks mediawijsheid. Het vraagt ruimte voor twijfel. Voor experiment. Voor proberen, vallen, opstaan en weer doorgaan, met ruimte voor de vraag: waarom doe ik dit eigenlijk? Waarom wil ik dit? Wil ik dit überhaupt? En dat vraagt om leraren die het digitale leven van kinderen verbinden aan de vragen die er echt toe doen: wat doe jij hiermee, en waarom eigenlijk?

Ervaring van binnenuit

Als schrijver en leraar merk ik dat verhalen daarin iets kunnen wat lessen soms niet kunnen. Een verhaal dwingt je niet tot een conclusie. Het nodigt uit. Je leeft mee. Je voelt wat een personage voelt, twijfelt waar hij twijfelt, maakt zijn fouten een beetje mee. Dat is geen informatie die van buiten naar binnen gaat, maar ervaring van binnenuit. En ervaring is precies wat tacit knowledge opbouwt: je weet het niet omdat iemand het je vertelde, maar omdat je het op een of andere manier zelf hebt doorgemaakt. Daarom staan verhalen zo centraal in mijn werk en vind ik ze vaak krachtiger dan tien lessen mediawijsheid.”

Barend Last schreef Veer over een jongen van tien die bevriend raakt met een chatbot die alles van hem lijkt te weten. Alles. Gaandeweg ontdekt hij, via vallen en opstaan, dat weten lang niet hetzelfde is als begrijpen. Samen zo’n verhaal lezen, erover praten, zelf pielen, en het in je hoofd doorleven biedt soms meer dan tien lessen mediawijsheid. We verloten drie exemplaren. Wil je kans maken? Mail naar redactie@ipon.nl